Skip to main content Skip to search Skip to header Skip to footer

Geen verdriet in de totaliteit van Liefde

De Christian Science Heraut - 28 januari 2015

Oorspronkelijk gepubliceerd in de 12 januari 2015 editie van de Christian Science Sentinel.


Omgaan met het verlies van een dierbaar familielid is een grote uitdaging, vooral het verlies van een echtgenoot of levenspartner. De leegte die ontstaat als deze kameraadschap, dagelijkse nabijheid, wederzijdse steun en het samen delen wegvalt, is moeilijk op te vullen. De diepe liefde die wij voor deze persoon voelden, lijkt nu het verdriet te vergroten. Zoals bij alle menselijke uitdagingen het geval is, wordt ook hier op tedere wijze voorzien in een goddelijk antwoord, dat het gevoel van leegte vult en ons openstelt voor een beter begrijpen van de goddelijke Liefde, God, en onze heelheid in Liefde.

Wij hebben allemaal verschillende ervaringen, verschillende behoeften en moeten verschillende geestelijke lessen leren. Maar één ding in ons leven staat centraal, wij worden allemaal constant aangetrokken, vaak ongemerkt, door de goddelijke Liefde, die ons voortdurend wijst op onze God-gegeven heelheid. In de totaliteit van oneindige Liefde is geen leegte en voor iedereen geldt, dat wij aan deze totaliteit individueel uitdrukking geven, zoals God ons heeft geschapen. Christus, de manifestatie van Liefde, werkt in onze gedachten, vernietigt angst en verdriet, opent onze ogen en ons hart voor al het goede dat Liefde ons continu aanreikt.

Als wij worstelen met verdriet, kan onze geestelijke heelheid ons aanvankelijk als een koud abstract begrip voorkomen, zelfs als wij deze in zekere mate begrijpen en accepteren. Wat onze Vader-Moeder God voor ons opgezet heeft, is echter niet koud of abstract. Als wij geleidelijk groeien in het begrijpen van wat geestelijk waar is, moet en zal dit een tastbaar en tevredenstellend menselijk bewijs leveren.

Enkele jaren geleden kwam mijn vrouw te overlijden en werd ik getroost door de goddelijke Liefde. Toen ik de eerste avond alleen thuis was en het donker begon te worden, bekroop mij het gevoel, dat mijn huis een trieste plaats zou worden. Maar direct daarna heb ik deze gedachte afgewezen en in oprecht gebed bevestigd dat Liefde eeuwig is, alle ruimte vult en er dus nergens gebrek aan Liefde kon zijn. Het was maar een korte glimp van een belangrijke geestelijke waarheid. Het groeiende gevoel van somberheid werd er echter onmiddellijk door verjaagd. Vanaf dat moment heb ik nooit meer over het huis als een sombere plaats gedacht, het werd zelfs een troostende plaats voor mij. En hoewel ik nog andere lessen te leren had, was dit de eerste stap van vooruitgang, de eerste glimp van de totaliteit van Liefde, die voorzag in mijn menselijke nood.

Iedere stap voorwaarts in het weten, dat wij onafscheidbaar zijn van Liefde brengt genezing en trekt ons verder op uit het verdriet. Mary Baker Eddy schrijft: “Aan de sterfelijke zin schijnt Christian Science abstract toe, maar haar werkwijze is eenvoudig en de resultaten zijn zeker, mits de Wetenschap wordt begrepen” (Wetenschap en Gezondheid met Sleutel tot de Heilige Schrift, blz. 459). De resultaten – de praktische bewijzen van genezing en troost – zijn zeker, “mits de Wetenschap wordt begrepen.”

Wat is de Wetenschap van ons zijn? Zijn wij geschapen vanuit de basis dat wij incompleet zijn en afgezonderd van het goede? Zijn wij afhankelijk van mensen en omstandigheden om belangrijke leegten op te vullen? Het zou niet liefdevol of logisch zijn, dat een alwetende, alomtegenwoordige en al-liefhebbende God zoiets zou doen. In plaats daarvan laat de Wetenschap zien, dat wij de gezegende afstammelingen van God zijn, het beeld of de uitdrukking van de goddelijke Liefde, waar Liefde zich in verblijdt, en voor eeuwig in stand houdt in alle facetten van heelheid.

De Bijbel brengt het wetenschappelijke, geestelijke feit aan het licht, dat wij aan God toebehoren en verklaart de kracht van God om ons te verlossen van de verkeerde opvatting, dat wij afgezonderd zijn van Hem, dus afgezonderd van de vreugde en het goede, die wij nodig hebben. In de Bijbel bij Jesaja staat: “Maar nu, zo zegt de Heere, uw Schepper, Jakob, uw Formeerder, Israël: Wees niet bevreesd, want Ik heb u verlost, Ik heb u bij uw naam geroepen, u bent van Mij. ... Sinds u kostbaar bent in Mijn ogen, bent u verheerlijkt en heb Ík u liefgehad” (43:1, 4 HSV).

Omdat wij aan God toebehoren, kan het ons aan niets ontbreken. Zoals de zon alles overal met zonlicht overstraalt, straalt de goddelijke Liefde de volheid van het oneindig goede overal over ons uit en brengt deze volheid tot uitdrukking in de mens, in de werkelijkheid van ons zijn als beeld van God. Eenieder van ons heeft voldoende goedheid en vreugde met de bedoeling dit actief te laten zien. Wij zijn voor altijd compleet, voldaan en verzadigd.

Als wij worden uitgedaagd door verdriet, kunnen wij met geduld bidden om de Wetenschap van ons zijn waar te nemen en te leunen op de goddelijke Liefde voor iedere behoefte. Ons groeiend inzicht en vertrouwen in Liefde brengt genezing. Dit kan plaatsvinden door het stil opkomen van vreugde in onze harten, een groeiend begrip over onze bestemming en het voorwaarts gaan met God. Het kan zich ook presenteren in nieuwe, lonende activiteiten of een grotere voldoening in relaties. Eenieder is verschillend met verschillende behoeften, maar we kunnen rustig vertrouwen op onze liefdevolle Vader-Moeder – die al onze behoeften kent – om al het goede en gelukkige aan ons te openbaren, in de juiste hoedanigheid en op de juiste tijd.

Deze geestelijke gedachtetransformatie en de zegeningen die hierdoor ontstaan, zijn het gevolg van het begrijpen van God, Geest. Eddy schrijft: “Geest zegent de mens, maar de mens weet niet ‘vanwaar hij komt’. De zieken worden erdoor genezen, de treurenden vertroost en de zondaars hervormd. Dit zijn de tekenen van één universele God, het onzienlijke goede, dat in de eeuwige Wetenschap verblijft” (Wetenschap en Gezondheid, blz. 78).

Dit “onzienlijke goede, dat in de eeuwige Wetenschap verblijft”, zegent zowel ons als onze dierbare. Wij staan beiden onder de volledige zorg van de goddelijke Liefde, en zullen dat blijven. Liefde heeft al voorzien in alles wat wij nodig hebben, omdat wij de beminde idee van Liefde zijn. Als wij elke dag geduldig bidden om meer van deze waarheid waar te nemen, zal die ons verdriet wegnemen en onze gedachten, harten en levens vullen met de weerspiegelde totaliteit van de goddelijke Liefde. 

The Mission of the Herald

In 1903, Mary Baker Eddy established The Herald of Christian Science. Its purpose: "to proclaim the universal activity and availability of Truth." The definition of "herald" as given in a dictionary, "forerunner—a messenger sent before to give notice of the approach of what is to follow," gives a special significance to the name Herald and moreover points to our obligation, the obligation of each one of us, to see that our Heralds fulfill their trust, a trust inseparable from the Christ and first announced by Jesus (Mark 16:15), "Go ye into all the world, and preach the gospel to every creature."

Mary Sands Lee, Christian Science Sentinel, July 7, 1956

Learn more about the Herald and its Mission.