Skip to main content Skip to search Skip to header Skip to footer

Zijn wij bereid te verkopen?

De Christian Science Heraut - 1 maart 2011

The Christian Science Journal, November 2010            


Van alle gelijkenissen die Jezus vertelde, heeft deze  voor mij meer betekend dan enig andere: “. . .  met het koninkrijk van de hemel [is het] als met een koopman die op zoek was naar mooie parels. Toen hij een uitzonderlijk waardevolle parel vond, besloot hij alles te verkopen wat hij had en die te kopen”(Matt. 13:45, 46 NBV). In die tijd waren parels waardevolle handelswaar. Een koopman reisde soms zelfs naar de Perzische Golf of naar India om de mooiste parels te vinden (zie The Interpreter’s Bible, Vol. 7, blz. 420). 

Hoe ver zijn wij  bereid te gaan om een zeer waardevolle “parel” te vinden en te kopen? Zijn wij bereid ons gehele bezit er voorop te offeren als we hem eenmaal gevonden hebben? En wat symboliseert die parel eigenlijk? 

Hier volgt het antwoord op deze laatste vraag: Veel mensen met wie Jezus in aanraking kwam toen hij het evangelie predikte, leken het slachtoffer te zijn van ziekte, zwakte, zonde en alle andere valkuilen van het sterfelijk bestaan. Jezus, die gedachten kon onderscheiden, begreep dat een ieder op zijn eigen manier het onjuiste beeld had geaccepteerd dat de mens in de stof geboren wordt en er uiteindelijk uit zal sterven. De Meester Christen, die zeer begaan was met de zieken, leerde hen en allen die hem volgden, dat de mens een onverwoestbare, geestelijke identiteit heeft en dat God volmaakt is, en dat wij allen het voorrecht hebben die geestelijke volmaaktheid te weerspiegelen en tot uitdrukking te brengen. Dit was een transformerende boodschap, rechtstreeks van God, aan degenen die Jezus genas en redde. “De parel van grote waarde” symboliseert de Christus, waarvoor Jezus alles opofferde ten behoeve van ons. Hij gaf zo volledig uitdrukking aan de Christus, zijn goddelijke natuur, dat hij in staat was geestelijk te genezen, waarbij hij  uitsluitend een beroep deed op de macht en wet van God.

Deze zelfde Christus spreekt ook vandaag tot ons met de genezende waarheden, die in onze specifieke noden voorzien door ons inzicht te geven in gezondheid, rechtvaardigheid, goedheid en genade – het koninkrijk der hemelen hier op aarde. Als antwoord op onze gebeden onthult de Christus voor ons Gods prachtige natuur en Zijn geestelijke schepping die één zijn, en geheel goed en veilig.

Voor deze kostbare parel van Waarheid moedigde Jezus zijn discipelen aan alles op te geven – familie, rijkdom, materiële veiligheid – om hem te kunnen kopen. Hij zou waarschijnlijk niet de moeite hebben genomen om zijn trouwste discipelen de gelijkenis van de parel te vertellen, als hij niet had geloofd dat zij er klaar voor waren naar deze boodschap te luisteren en er gehoor aan te geven. En nu de hamvraag: Zijn wij er klaar voor? Als wij de waarde van de parel van Christus beseffen, zijn wij dan bereid alles te “verkopen” om die in ons bezit te krijgen? Alles! Zoals de oude comfortabele stoffelijke manier van denken, de angsten, de alledaagse zorgen, de gevoelens van wrok en zelfrechtvaardiging waarvan afstand moet worden gedaan in ruil voor de vreugden van de nieuwe, geestelijke inzichten die Christus onthult. 

Dat kan gemakkelijker gezegd dan gedaan worden. Onlangs hoorde ik een verhaal dat een hint geeft van de weerstand waarmee we te maken kunnen krijgen (maar we hebben de geestelijke middelen om die te overwinnen) als we besluiten alles voor Christus op te geven.  Er was een klein meisje dat elke avond door haar vader naar bed werd gebracht.  Deze vader hield heel veel van zijn dochtertje. Het meisje hield ook van haar vader, maar ook heel veel van een plastic parelkettinkje dat ze altijd omhad. 

Op een avond toen hij haar naar bed bracht, vroeg hij of ze hem die parels wilde geven. “Maar pappa”, antwoordde ze, “Ik ben dol op deze parels! Ik wil ze liever zelf houden.” De volgende avond voor het slapen gaan vroeg hij haar er weer om. “Nee, pappa, ik vind ze zo mooi.” 

Twee weken gingen voorbij en elke avond als hij haar naar bed bracht, vroeg de vader om de parels. Ten slotte kwam hij op een avond in haar kamer om haar goedenacht te wensen en vond haar met haar hoofd op het kussen en er stroomden tranen langs haar wangen. Tussen haar snikken door zei ze: “Hier, neem de parels maar. U mag ze hebben.” Hij nam de speelgoed parels en stopte ze in een van zijn zakken. Toen reikte hij in zijn andere zak en haalde er een fluwelen rechthoekig doosje uit. Hij gaf het aan haar, en binnenin bevond  zich een schitterend collier van echte, zeer kostbare parels. Hij vertelde haar dat hij elke avond sinds de eerste keer dat hij om haar plastic parels vroeg, dit geschenk bij zich had gedragen. 

Onze Vader-Moeder heeft een geschenk voor ieder van ons dat veel kostbaarder is dan welke set parels op aarde ook. Desondanks is het mogelijk dat  wij onze waardeloze plastic parels koesteren en ze niet willen afstaan. Tegenwoordig worden ze in reclamespots agressief aangeprezen als het enige echte en zeer begerenswaardige. We zien ze overal – de obsessie om steeds meer materiële bezittingen te verwerven, de neiging om liefde en eigenwaarde in drugs te zoeken, en het vaste voornemen om anderen in het ongelijk te stellen of wraak te nemen.  

In welke vorm deze “parels” zich ook voordoen , we zullen ze uiteindelijk moeten loslaten. In feite hebben we geen keus. God houdt teveel van ons en zal niet toelaten dat wij ons voor altijd blijven vasthouden aan wat onecht is. In haar leerboek Wetenschap en Gezondheid met Sleutel tot de Heilige Schrift, merkt Mary Baker Eddy op: “Eens zal Waarheid ons allen dwingen de lusten en lasten der zinnen te laten varen voor de vreugden van Ziel” (blz. 390). 

Ik vraag mijzelf wel eens af als ik gebeden heb en Gods antwoord heb gehoord : “Ben ik bereid mijn parels in te wisselen? God heeft mij een nieuw inzicht over mijzelf gegeven, waarvan ik weet dat het mij kan genezen en mij volkomen bevredigt. Dus ben ik bereid mijn oude ‘parels’, mijn oude opvattingen en angsten die mij zo bedrieglijk aantrekkelijk en bekend voorkomen, te verkopen?” Telkens weer heb ik ervaren dat als ik die stap neem, ik voortga op het pad naar genezing. Wanneer we toelaten dat onze gedachten en gevoelens door God worden getransformeerd, wordt ieder aspect van ons leven gezegend.

Ik herinner mij de avond toen ik de “parel van grote waarde” vond  na vele jaren gebeden te hebben om genezing te vinden voor een pijnlijke mismaaktheid. Toen ik weer stil tot God bad, luisterde en mij openstelde voor Zijn antwoord, onthulde God aan mij mijn geestelijke, volmaakte natuur als Zijn uitdrukking. Met veel geduld had God mij deze parel al zo dikwijls aangereikt. Maar die avond verkocht ik alles wat ik had om hem te bemachtigen. Ik stopte met in gedachten de voorspellingen van het lijden op te sommen die deze fysieke toestand met zich mee bracht; ik verwijderde voorgoed het lelijke beeld van de ziekte uit mijn denken; en ik verwierp totaal de gangbare kijk op mijzelf als zou ik geschapen zijn door de mens. De meest waardevolle parel, het geestelijk begrijpen dat ik al deze jaren altijd de weerspiegeling van God was geweest, die alleen volmaaktheid inhoudt, was alles wat ik nu bezat. Binnen drie dagen was ik blijvend genezen van de misvorming.

“Door de dwaling op te geven, ontneemt men aan de stoffelijke zin zijn valse aanspraken”, verklaarde Mary Baker Eddy (Wetenschap en Gezondheid, blz. 7). Evenals het meisje ten slotte in staat was afstand te doen van haar plastic parels, kunnen wij onze verouderde opvattingen en diepgewortelde angsten opgeven, die de aanspraak van de stoffelijke zin om macht en invloed over ons leven uit te oefenen eerder voeden dan teniet doen. Laat de macht van God, de enige macht, ze van ons wegnemen. “Ik neem de bedwelmende beker uit je hand”, zegt de Bijbel (Jes. 51:22 NBV). Het voelt heel goed onze oude parels te verkopen in ruil voor de enige uiterst waardevolle parel – de kennis dat we één zijn met God en dat al het goede dat Hij heeft het onze is. 

In de woorden van Paulus: “Laten we God danken voor zijn onbeschrijfelijk geschenk” (2 Kor. 9:15 NBV).

 

 

The Mission of the Herald

In 1903, Mary Baker Eddy established The Herald of Christian Science. Its purpose: "to proclaim the universal activity and availability of Truth." The definition of "herald" as given in a dictionary, "forerunner—a messenger sent before to give notice of the approach of what is to follow," gives a special significance to the name Herald and moreover points to our obligation, the obligation of each one of us, to see that our Heralds fulfill their trust, a trust inseparable from the Christ and first announced by Jesus (Mark 16:15), "Go ye into all the world, and preach the gospel to every creature."

Mary Sands Lee, Christian Science Sentinel, July 7, 1956

Learn more about the Herald and its Mission.