Skip to main content Skip to search Skip to header Skip to footer

Doorbraken op energiegebied

De Christian Science Heraut - 1 april 2011

Christian Science Sentinel, 12.27.2010


Ik herinner me een gesprek met mijn vader toen ik op de middelbare school zat over de familie financiën. Hij had een cheque voor zich liggen en tot vandaag kan ik me precies de essentie herinneren van wat hij zei: “Deze cheque is niet de bron van onze familie-inkomsten. Onze voorziening komt van de ideeën achter de projecten waarvoor ik werk. Geld is eindig, maar ideeën zijn oneindig. Die komen direct van God en zullen er altijd zijn om te voorzien in wat we nodig hebben.”

Bij het overdenken van de werelds onverzadigbare vraag naar nieuwe bronnen en vormen van energie, vond ik het advies van mijn vader reuze praktisch. Hetzelfde principe is van toepassing. Wat hij zei, herinnert me ook aan iets uit Wetenschap en Gezondheid waar ik vaak over nagedacht heb: “De metafysica herleidt dingen tot gedachten en vervangt de voorwerpen van de zinnen door de ideeën van Ziel” (blz. 269). Ik ben ervan overtuigd dat onze energievoorziening verzekerd is in de mate dat we dit doen – ons beperkt inzicht van onze schijnbaar beschikbare bronnen (dingen) opgeven voor een beter begrijpen van de onbeperkte intelligentie en vernuftigheid (gedachten) die we allemaal bezitten als de weerspiegeling van God, het goddelijk Gemoed.

Denk maar eens aan de vooruitgang die al gemaakt is: Vrachttreinen kunnen een lading van 1000 kilo, 200 kilometer vervoeren op slechts een liter brandstof; dit is een toename van 90 procent in de laatste 30 jaar. En sommige auto’s rijden een gemiddelde van meer dan 20 kilometer op een liter.

Maar dit is nog niets vergeleken bij de efficiëntie die Jezus duizenden jaren geleden aantoonde door de menigte van “brandstof” te voorzien met een paar broden en een paar vissen (zie Matth.14:15-21 en 15:32-38). Hij begreep, en was in staat dit voor het welzijn van anderen te bewijzen, dat Gods voorziening voor Zijn schepping – in de vorm van voedsel, energie of enig andere behoefte – geheel geestelijk is. Dit feit is vandaag nog net zo werkelijk als in Jezus’ tijd.

Dus, waar komt dit begrijpen vandaan? – om nog maar niet te spreken van alle energiebesparing en energieproducerende uitvindingen. Christian Science leert dat deze afkomstig zijn van God Zelf, de goddelijke Geest; en dat de mens als het spiegelbeeld van God, het vermogen bezit om alle goede en juiste ideeën tot uitdrukking te brengen. Ik denk terug aan een avond toen door stroomverlies onze kerk in duisternis gehuld was net voor de aanvang van een getuigenisdienst. Dankzij vlug en creatief denken (wat inhield dat er een generator van een camper werd aangesloten op een aantal lichtinstallaties) was spoedig de hele kerk verlicht. Zonder twijfel speelden de gebeden van onze leden en het begrijpen dat het verlangen om God dank te geven niet verduisterd kon worden, een belangrijke rol bij de oplossing. Het toonde mij aan dat wanneer energie schaars lijkt te zijn, het vervangen van dingen (materiële beramingen) door gedachten (geestelijke inspiratie) een onmiddellijk en praktisch bewijs kon leveren van Gods voortdurende zorg. 

Hoewel dit voorbeeld onbeduidend mag lijken naast de enorme energienoden van de wereld, kunnen vernieuwende ideeën op elk niveau oplossingen brengen. Het is belangrijk te weten dat in de metafysica, zoals in de wiskunde, dezelfde regel toepasbaar is op zowel  kleine als grote schaal. Ook helpt het om te erkennen dat de goddelijke voorziening – wanneer, waar en in welke omstandigheden die zich voordoet – niet iets is dat alleen voor sommigen en niet voor anderen geldt. De aard van goddelijke voorziening is oneindig, universeel, volkomen veilig en betrouwbaar.

De Bijbel belooft dat er eens in al onze noden voorzien zal worden, niet door nucleaire energie, zonne- of windenergie, of enig ander stoffelijk middel, maar door een groter begrijpen van God. Johannes vertelt ons in het boek Openbaring zijn visie op het “nieuwe Jeruzalem”: “De stad behoeft de zon en de maan niet, dat zij in haar zouden schijnen; want de heerlijkheid Gods heeft haar verlicht” (21:23). Ik maak hieruit op dat door zelfs maar een kleine glimp op te vangen van Gods oneindige macht en aanwezigheid, in alle noden van de mensheid kan worden voorzien.

Het maken van degelijke keuzes en het verantwoordelijk gebruiken van energiebronnen, zullen vanzelfsprekend zijn als we streven beter uitdrukking te geven aan ons door God gegeven begrip van wijsheid, zuinigheid, en liefde voor de mensheid. Maar het is nog belangrijker, en uiteindelijk heilzamer, er een gewoonte van te maken om een beperkte stoffelijke kijk op de dingen te vervangen door de oneindige gedachten of ideeën achter de situatie. Voor hen die de energienood aan den lijve ondervinden, en ook voor hen die dit niet zozeer treft, zal het voortdurend geestelijk weerstand bieden aan iedere suggestie van stoffelijke limitaties essentieel zijn om ware zekerheid te krijgen – de universele erkenning van God als onze uiterst betrouwbare bron.

The Mission of the Herald

In 1903, Mary Baker Eddy established The Herald of Christian Science. Its purpose: "to proclaim the universal activity and availability of Truth." The definition of "herald" as given in a dictionary, "forerunner—a messenger sent before to give notice of the approach of what is to follow," gives a special significance to the name Herald and moreover points to our obligation, the obligation of each one of us, to see that our Heralds fulfill their trust, a trust inseparable from the Christ and first announced by Jesus (Mark 16:15), "Go ye into all the world, and preach the gospel to every creature."

Mary Sands Lee, Christian Science Sentinel, July 7, 1956

Learn more about the Herald and its Mission.