FOCUS OP DE PRAKTIJK VAN CHRISTIAN SCIENCE
Misschien is er sinds de 19e eeuw geen tijd geweest waarin zoveel mensen zo’n grote belangstelling hadden voor geesteljke genezing. Over de hele wereld worden boeken geschreven en seminars gehouden over dit onderwerp, terwijl het publiek zoekt naar alternatieve vormen van genezing. En mensen worden genezen door geestelijke middelen—soms met de hulp van een mentor of genezer en soms door hun eigen inspanningen en gebed.
In 1866 ontdekte Mary Baker Eddy Christian Science. En al meer dan honderd jaar geneest Christian Science mensen van lichamelijke, mentale en persoonlijke moeilijkheden. Mary Baker Eddy’s baanbrekende werk, Wetenschap en Gezondheid met Sleutel tot de Heilige Schrift, wordt door zowel Christian Science-practitioners als hun patiënten gebruikt als leerboek voor geestelijke genezing.
Tijdens de 2002 Jaarvergadering en conferentie van The First Church of Christ, Scientist, in Boston spraken verschillende Christian Scientisten over de genezende praktijk van Christian Science.
Mary Ridgway, secretaris van De Moederkerk opende de workshop en stelde de panelleden voor: Juan Carlos Lavigne uit Buenos Aires, Argentinië; Honor Hill uit Dallas, Texas; Cynthia Neely uit Chicago, Illinois; Giulia Plum uit Redding, Connecticut; en de moderator van het panel Generaal John Fairfield uit Oak Hill, Virginia.
Mary: Ik wil met u nadenken over de genezende praktijk van Christus Jezus, die zeker het voorbeeld was van Mary Baker Eddy en ook ons voorbeeld is. De Bijbel vertelt ons dat Jezus zijn openbare genezingsmissie begon rond de leeftijd van dertig jaar. Maar ik denk niet dat hij op een ochtend wakker werd en zei: “Vandaag ga ik in de genezingspraktijk.” Hij leefde zijn praktijk al in iedere gedachte en op ieder momeni. Mary Baker Eddy verwoordde het zo: “Deze geestelijke idee of de Christus drong binnen in de kleinste bijzonderheden van Jezus’ persoonlijk leven. Het maakte hem tot een eerlijke man, een goede timmerman en een goed mens, voordat het hem de verheerlijkte kon maken” (Miscellaneous Writings 1883–1896, blz. 166).
Dus Jezus bracht elke minuut van zijn leven in praktijk. Dit werk doordrong ieder aspect van zijn bestaan. Dat kon ook niet anders, want het was een mentale praktijk. Deze geestelijke mentalitiet, dit Christus-bewustzijn werd weerspiegeld waar hij ook was, wat hij ook deed. En hij kon doen wat hij deed, omdat hij zo helder wist wie hij was. Zijn relatie met God was duidelijk voor hem. Alles wat Jezus zei en deed, drukte de Wetenschap van de Christus uit, de Wetenschap van zijn wezen.
Jezus leefde zijn praktijk van moment tot moment. Hoe deed hij dat? Hij genas. Hij bewees praktisch wat hij begreep. Zelfs toen hij op weg was om de dochter van Jaïrus te helpen in een levensbedreigende situatie, stopte hij om een vrouw te genezen die al vele jaren aan bloedvloeiingen leed (Markus 5:22-43). Hij kende altijd de gedachten en het hart van hen die hem nodig hadden. Hij was fijngevoelig, stond klaar voor iedereen die hulp nodig had, reageerde op de behoefte van het moment, leefde zijn praktijk. Misschien kunnen we dan zeggen dat de mensen die naar Jezus kwamen voor genezing niet zijn praktijk waren, maar het resultaat van zijn praktijk. Laten we de volgende drie punten bekijken:
- Wat het betekent in de genezingspraktijk te zijn;
- Wetenschap en Gezondheid als de handleiding voor de praktijk van Christian Science Gemoedsgenezing;
- En Wetenschap en Gezondheid als de ultieme genezer voor alle tijden.
Vervolgens stelde John Fairfield een aantal vragen aan het panel.
Hoe benader jij jouw praktijk, Giulia?
Giulia: Het is een voortdurende, mentale activiteit. Het is werkelijk “het gevangen nemen van elke gedachte om die te brengen tot de gehoorzaamheid aan Christus,” zoals de apostel Paulus zegt in 2 Korinthe 10:5. Mary heeft net beschreven hoe Jezus zijn praktijk leefde en iedere gedachte op ieder moment en de aanwezigheid van God, van Liefde en Waarheid in toepassing bracht.En ik moet er steeds alert op zijn. Bijvoorbeeld als ik een drukke dag heb en een collega zie die duidelijk pijn heeft—er is iets mis—neem ik dan de tijd om stil te staan, vriendelijkheid en mededogen te uiten, te kijken of ik behulpzaam kan zijn? Of ben ik zo opgeslokt door mijn schema, dat ik er gewoon aan voorbijga? Ook: hoe eerlijk ben ik, hoe trouw aan mezelf en aan wat ik weet dat juist is, zelfs in situaties waarin dat misschien niet de meest voor de hand liggende keuze is? Ik zie mijn praktijk als mijn leven en mijn leven als mijn praktijk.
Vroeger was ik psychotherapeut en deed jarenlang counseling voor individuen, echtparen en gezinnen. Toen zag ik mijn praktijk als binnen een medisch model, bestaande uit patiënten die bij mij kwamen met bepaalde problemen, die ik behandelde op bepaalde dagen en uren.
Nu, als Christian Science-practitioner, is mijn leven niet meer verdeeld in zulke compartimenten. Het is elke minuut van de dag prakticeren. En ik zie dat de mensen die naar mij toe komen in feite het resultaat zijn van die praktijk.
Juan Carlos, hoe leg jij aan anderen uit hoe je Christian Science beoefent?
Juan Carlos: Voor mij gaat de praktijk niet over woorden. Het gaat over ideeën; een bewustzijnstoestand. Het gaat om wat je denkt, wie je bent. Ik gaf ooit een lezing in het Spaans. Na de lezing was er een rij mensen die met me wilden praten. Aan het eind stond een vrouw die zei: “Het spijt me, maar ik heb nooit Spaans geleerd dus ik kon geen woord begrepen van wat u zei, maar ik ben tijdens de lezing genezen van iets waar ik al weken last van had.” Dáár gaat het om—praktijk is een bewustzijnstoestand.
Cindy, hoe zou jij uitleggen wat het voor jou betekent om de praktijk uit te oefenen?
Cindy: Laat ik een voorbeeld geven. In januari viel ik thuis van een trap en bezeerde mijn been. Terwijl ik bad over de pijn, besefte ik dat ik gewoon mijn geplande activiteiten moest voortzetten. Het zou prettig zijn geweest om rustig te blijven zitten met mijn Bijbel en Wetenschap en Gezondheid, totdat de pijn wegging, maar ik moest die gedachten in daden omzetten en vooruitgaan. Terwijl ik dat deed, ervaarde ik steeds meer vrijheid. Ik voltooide elke taak en opdracht. Uiteindelijk kreeg ik volledige vrijheid en was de pijn verdwenen.
Opmerkelijk was dat tijdens die periode de patiënten die mij belden allemaal een soortgelijk probleem hadden: ze konden niet vooruit. Niet dat iedereen van een trap viel, maar ze ervaarden een onvermogen om vooruit te gaan in denken en handelen, om te groeien. Ze zaten vast in een slechte gezondheid of een ongelukkige relatie of gebrek aan een baan. Maar omdat ik mentaal in beweging was en dit in de praktijk had toegepast en bewezen, werden zij snel genezen.
Cindy, je doet het zo gemakkelijk klinken. Is jouw praktijk altijd zo gemakkelijk geweest?
Cindy: Nee, dat was niet het geval. Toen Ik had aangevraagd mijn naam in de Journal te vermelden als Christian Science-practioner, was ik net verhuisd naar een nieuwe stad, had een nieuwe carrière en ging naar een nieuwe kerk. Een totaal andere belevenis. De kerkleden begonnen me vragen te stellen. Ik besefte dat die vragen voortkwamen uit hun belangstelling of hun behoefte te weten hoe een Christian Science-practitioner moest zijn. Bijvoorbeeld: Waar is je man? Waarom heb je niet gewacht met jouw praktijk tot je was gepensionneerd? Hoeveel ervaring heb je? Ik moest leren en begrijpen waar en wat de praktijk was. Die was niet in Virginia en ook niet in Chicago. Die was in mijzelf. En de nodige ervaring had ik mijn hele leven al opgedaan. Ik had alle vereisten in mijzelf. Het was dat groeiend begrijpen van mijn relatie met God. Ik leefde dagelijks mijn begrijpen van God. Dat was mijn praktijk. Dus raad eens wat? Ik had geen man nodig. En jij hebt geen vrouw nodig.
Ik had geen pensioen of een uitkering nodig, en het ging niet om de toekomst. Het was nu. En het was van mij, ik maakte er aanspraak op. Ik leefde ernaar, het was een deel van mij. En omdat ik dit begrip dagelijks in de praktijk bracht, groeide het uit tot een rijke, volwaardige en actieve genezingspraktijk.
Honor, vertel ons eens wat je van jouw praktijk vindt.
Honor:Het is deze voortdurende aandacht voor onze gedachten waar we het over hebben gehad. Dit betekent dat ik van moment tot moment aandacht moet besteden aan mijn gedachten. Ben ik liefdevol? Mededogend? Geduldig? Zuiver? Christelijk-wetenschappelijk? Is elke gedachte levensbevestigend? Als de praktijk over bewustzijn gaat en dat is het geval, dan kan ze zeker worden gedefinieerd als juist denken. En dat juiste denken kan niet alleen over mijzelf gaan. Als ik correct over mezelf denk, moet ik dit uitbreiden en op dezelfde manier over iedereen denken. Dit denken moet iedereen omvatten.
We hebben het gehad over wat het betekent om Christian Science te beoefenen en nu gaan we verder met ons tweede punt: Wetenschap en Gezondheid te beschouwen als de handleiding voor de beoefening van Christian Science-Gemoedgenezing. Deze zin staat in Mary Baker Eddy's boek Nee en Ja, blz. 3: "Toen ik in 1878 ‘Wetenschap en Gezondheid met Sleutel tot de Heilige Schrift’ herzag, drongen sommige onverantwoordelijke lieden erop aan, dat mijn handleiding voor de toepassing van de Christian Science-Gemoedgenezing niet openbaar gemaakt zou worden; doch ik heb een voorschrift van hoger orde gehoorzaamd. Zij, die hun genezingswerk gronden op de regels van deze toepassing en niet de Geest uit het oog verloren hebben, door welke de zuivere foepassing gedragen wordt, zullen dit boek hun patiënten in handen geven, waardoor deze genezen zullen; en hun leerlingen dit aanbevelen, daar het deze licht brengen zal.”
Cindy: Als je Wetenschap en Gezondheid als een handleiding beschouwt, wordt het duidelijk dat genezing niet afhankelijk is van een persoon. Onlangs belde een patiënt me op en ik merkte, dat ze altijd erg timide en aarzelend was aan de telefoon. Op een avond, toen ik haar behandelde in gebed, werd me heel duidelijk dat ze haar deel niet deed. Ze kwam niet voor zichzelf op en erkende haar ware identiteit als kind van God niet. Ze leunde op mij, in plaats van te leunen op Beginsel, God. Toen ik daarover bad, werd ik geleid naar een uitspraak in Wetenschap en Gezondheid, blz. 284: “In de gemeenschap tussen God en de mens gaan de gedachten altijd van God uit naar zijn idee, de mens.” Ik wist dat het Gemoed dat met mij communiceerde ook met haar communiceerde.
De volgende dag was ze een ander mens. Ze had zich gerealiseerd dat ze naar mij keek om iets te doen, in plaats van op te komen voor zichzelf en wakker te worden voor dit nieuwe begrip van haar ware identiteit. Ik zag dat we allebei een rol hadden gespeeld in deze genezing, want ze was heel snel genezen. Door die ervaring besefte ik dat we niet afhankelijk zijn van een persoon om te genezen, maar dat we afhankelijk zijn van Beginsel, of God.
Juan Carlos: Weet je, Cindy, we hebben geen tussenpersonen. Die hebben we niet nodig. Ik moet heel voorzichtig zijn om mezelf niet tussen de patiënt en het boek te plaatsen; om geen vertolker van Mary Baker Eddy's werken te worden. Maar ik kan wel de weg bereiden voor anderen om het boek beter te begrijpen. Ik kan vertellen over enkele van mijn eigen ervaringen met Wetenschap en Gezondheid. Het is onze liefde voor het boek die hen zal bereiken. Wat ze zei – “geef dit boek patiënten in handen” – is voor mij een opdracht.
Honor: Wetenschap en Gezondheid geeft ons een zeer duidelijke aanwijzing over het overwinnen van angst, nietwaar? Mary Baker Eddy is zelfs zo overtuigd van dit punt dat ze ons vertelt in Wetenschap en Gezondheid blz. 411: “Begin uw behandeling steeds met de vrees van uw patiënten tot bedaren te brengen.” Maar wat gebeurt er als je een telefoontje krijgt en jij bent degene die net zo bang is als de patiënt?
Angst voor dat telefoontje en wat het zou kunnen inhouden, kan een groot obstakel zijn om onszelf beschikbaar te stellen in de praktijk. Ik herinner me dat ik vrij vroeg in mijn praktijk een telefoontje kreeg van een jonge moeder. Ze had een schreeuwende baby in haar armen. Ik kon nauwelijks horen wat ze zei, maar het was me heel duidelijk dat ze zich erg angstig en overweldigd voelde. Blijkbaar was het een of ander probleem met een pijnlijk oor. Ze waren de hele nacht op geweest. Eerlijk gezegd voelde ik me ook overweldigd. Ik was bang. Dus wendde ik me tot God en vroeg om hulp.
Wat er in me opkwam, ging niet over de moeder of het kind; het ging over mijzelf. Het was een simpele waarheid dat ik het beeld en de gelijkenis van God ben, zoals de Bijbel zegt. En als dat beeld en die gelijkenis hoefde ik niet het gevoel te hebben dat de genezing van mij afhing. Ik begreep dat de moeder deze zelfde relatie had met God. Zij was ook het beeld en de gelijkenis van God. En dat gold ook voor de baby. We hadden allemaal dezelfde relatie met God en werden allemaal in gelijke mate omarmd door die helende liefde.
De baby stopte met huilen. Kort daarna werd ik teruggebeld en vertelde de moeder me dat de baby al tijdens het telefoongesprek was genezen. Het was een belangrijke mijlpaal voor mij toen ik me openstelde beschikbaar te zijn voor de praktijd. Ik hoefde geen misplaatste verantwoordelijkheid te nemen voor het welzijn van de mensen die naar mij toe kwamen.
Giulia: Het was voor mij heel leerzaam dat Mary Baker Eddy Wetenschap en Gezondheid niet gepubliceerd kon krijgen als het hoofdstuk “Het Dierlijk Magnetisme Ontmaskerd” er niet instond. Nu is dat in een boek van 700 pagina's maar zeven pagina's, maar het moest er wel in staan.
Honor: Mary Baker Eddy wist ook dat het boek een genezer was. Denk maar aan die zin op blz. 422: “Lees door, en het boek zal uw genezer worden …”.
Cindy: Dat brengt ons bij ons derde punt: dat Wetenschap en Gezondheid de definitieve genezer is. Het boek laat ons beseffen dat we een werkrelatie met God hebben, een relatie waar we ons toe kunnen wenden en waarvan we de genezende resultaten kunnen voelen. Het boek is 24/7 beschikbaar. Het kent geen aanzien des persoons. Het kent geen grenzen. Het kent geen goede of slechte dagen. En het is gebruiksvriendelijk. Het boek nodigt je uit om het op te pakken, te lezen en te worden genezen.
Juan Carlos: De kracht van de ideeën in Wetenschap en Gezondheid stijgt boven tijd en ruimte uit. Een vriendin in Havana, Cuba, had een infectie aan haar voet. Ze probeerde alle mogelijke medicijnen, maar die hielpen niet. Het was een zeer pijnlijke situatie voor haar. Op een dag kreeg ze een exemplaar van Wetenschap en Gezondheid en begon het te lezen. Ze raakte er zo in geïnteresseerd dat ze een aantal dagen besteedde aan het lezen ervan. Op een gegeven moment besefte ze dat ze geen pijn meer had, dat haar voet helemaal schoon en gezond was.
Voor mij is dit boek geen wondermiddel: Je raakt het niet gewoon en bent een nieuw mens. Maar de ideeën in het boek zullen mijn bewustzijn beïnvloeden en mij geleidelijk transformeren tot een nieuw mens. En dit zal iedereen overkomen.
Giulia: Als we Wetenschap en Gezondheid beschouwen als de definitieve genezer voor alle tijden, zie ik steeds duidelijker in hoe belangrijk het is dat we gehoor geven aan het advies van Mary Baker Eddy om alert te zijn op de tactiek van ‘de vijand’, die haar auteurschap in diskrediet zou willen brengen en op de een of andere manier het boek en de auteur van elkaar zou willen scheiden. Ik heb een vriendin die in bed lag en niet kon lopen. Terwijl ze aan het bidden was, zei ze dat ze een glimp opving van de diepte van Mary Baker Eddy's onbaatzuchtige liefde voor de mensheid en om hetzelfde te doen wat Mary Baker Eddy voor ons heeft gedaan. Mijn vriendin voelde dat ze een diepere waardering en begrip voor het leven van Mary Baker Eddy moest ontwikkelen. Ze had een biografie van Mary Baker Eddy gelezen die ze opzij had gelegd. Maar nu pakte ze die weer op en zei dat ze er geen genoeg van kon krijgen. Ze las het in één ruk uit. Haar waardering, haar dankbaarheid, haar duidelijk begrijpen van de onlosmakelijke band met Mary Baker Eddy's licht en leven – dat is wat haar genas. Binnen een paar dagen was ze weer op de been en sindsdien gaat het heel goed met haar.
Honor: We hebben veel gehoord over het verlangen van zoveel mensen naar genezing, naar geestelijke diepgang, naar inhoud in hun leven, naar betekenis. En Wetenschap en Gezondheid is een manier voor mensen om dat te vinden. Je kunt naar een Christian Science-leeskamer gaan en gewoon dat boek pakken, het lezen en beginnen die geestelijke diepgang te vinden. Dat is wat mensen vandaag de dag willen. En hier is een zin in Wetenschap en Gezondheid, blz. 393 die dit weergeeft: "Neem bezit van uw lichaam en bestuur het gevoel en de werking ervan." Dit was radicaal toen ze het schreef, maar het is ook vandaag de dag nog radicaal. En toch zijn mensen blij om dit te horen. Ze krijgen het gevoel dat ze dit inderdaad kunnen gaan doen. Dat is een van de vele redenen om Wetenschap en Gezondheid voor iedereen beschikbaar te stellen. Mensen zullen het lezen en ze zullen worden genezen. En dan zullen ze beginnen met anderen te genezen. Dat gaat vanzelf, daar kunnen ze echt niets aan doen.
