Skip to main content Skip to search Skip to header Skip to footer

Geen ontsnappen aan Kerstmis

De Christian Science Heraut - 12 november 2021

Oorspronkelijk gepubliceerd in de 19 december 2013 editie van The Christian Science Monitor.


“Laten wij dit jaar met Kerstmis op reis gaan. Ik wil er echt vandoor!” Ik zei dit tegen een vriendin in de hoop haar te overtuigen met mij mee te reizen. Het zou mijn tweede Kerstmis zijn sinds het overlijden van mijn moeder en vader. De eerste Kerstmis bracht ik met dierbare vrienden door en ondanks dat het een liefdevolle en feestelijke gelegenheid was, moest ik huilen toen ik aan het verleden dacht en mijn ouders miste.

Voor velen, in het bijzonder voor degenen die familieleden of goede vrienden hebben verloren, is de vrolijkheid van de kerstdagen niet zo vanzelfsprekend en worden ze overschaduwd door gevoelens van verlies en een verlangen naar de aanwezigheid van geliefden die zijn heengegaan. Mary Baker Eddy, de Grondlegster van Christian Science, begreep dit goed toen zij in 1900 schreef: “Weer is geliefd Kerstmis hier, vol met goddelijke zegeningen en gekroond met de dierbaarste herinneringen in de menselijke geschiedenis – de aardse komst en geboorte van onze Heere en Meester … Ouders roepen hun dierbaren naar huis, kerstvuren branden, feestelijke tafels staan gedekt, geschenken glanzen in de donkergroene takken van de kerstboom. Maar helaas voor de gebroken huishoudens! God geve hen meer van Zijn dierbare liefde, die het verwonde hart geneest” (The First Church of Christ, Scientist, and Miscellany, blz. 256-257).

Oh, hoezeer had mijn hart behoefte aan dit gebed om meer te voelen van Gods “dierbare liefde” met Kerstmis. Maar in plaats daarvan was ik mijn ontsnapping aan het voorbereiden – gidsen te raadplegen en reserveringen te maken.

Gedurende deze plannenmakerij schoof ik een aanhoudende gedachte telkens opzij, waarvan ik diep binnenin wist dat het een goddelijke engelenboodschap was: “Is willen ontsnappen aan Kerstmis echt het beste motief voor deze reis?” En toen mijn vriendin en ik het nodig vonden om vanwege andere redenen onze plannen te annuleren, was ik niet verbaasd. Echter vroeg ik mij af of ik Kerstmis alleen zou moeten doorbrengen.

Toen benaderde een vriendin mij, die wist dat ik mijn reis had geannuleerd. Zij werkte in een Christian Science verzorgingstehuis, een plaats waar degenen die genezing zoeken door gebed, praktische en fysieke verzorging  ontvangen van Christian Science verplegers. Zij vroeg mij of ik op kerstavond een programma met inspirerende voorlezingen wilde presenteren voor de patiënten.

Tijdens de voorbereiding hiervan, verdiepte ik mij in Bijbelverhalen over de geboorte van Jezus (zie Mattheüs en Lukas, hoofdstuk 1 en 2) en de geschriften van Mary Baker Eddy over Kerstmis. Ik verzamelde ook inspirerende artikelen en gedichten uit de Christian Science Sentinel en The Christian Science Journal op de website van JSH-Online. Toen ik bad om te weten welke selecties ik moest maken, begon ik te beseffen dat God mij liefdevol liet zien, dat ik niet aan Kerstmis kon ontsnappen en dat ook niet wilde. In plaats daarvan had ik behoefte aan meer grip op de ware betekenis – de diepgaande en eeuwige geestelijke zegening die de geboorte van Christus Jezus vertegenwoordigt voor de gehele mensheid, inclusief mijzelf.

De maagdelijke geboorte van Jezus illustreert de geestelijke oorsprong van de mens als de idee van God – Zijn weerspiegeling en gelijkenis, niet geboren in een stoffelijk en beperkt begrip van leven, maar geheel geestelijk en onsterfelijk.

In een artikel getiteld “Wat Kerstmis voor Mij Betekent,” schreef Mary Baker Eddy: “Ik vier Kerstmis met mijn ziel, mijn geestelijke zin, en herdenk zo de intrede in het menselijk begrijpen van de Christus, ontvangen van Geest, God, en niet van een vrouw – als de geboorte van Waarheid, de dageraad van de goddelijke Liefde die aanbreekt over de somberheid van de stof en het kwaad met de glorie van het oneindige zijn” (Miscellany, blz. 262).

Ik wist, dat ook ik Kerstmis moest vieren met mijn geestelijke zin. Voor mij betekende het beter begrijpen van mijn aangeboren geestelijke aard die door de goddelijke oorsprong van Christus Jezus werd geopenbaard, dat ik nooit gescheiden kon zijn van God, mijn ware Vader en Moeder. En als ik niet gescheiden van God kon zijn, konden mijn moeder en vader dat ook niet. Zij waren net zo aanwezig in God als ik. Ook al konden wij elkaar niet zien, het feit dat wij allen in de goddelijke, altijd aanwezige Liefde verbleven, betekende dat wij nooit werkelijk van elkaar gescheiden konden zijn.

Mijn kerstdag was gevuld met gebed en voorbereiding. Toen ik die avond het verzorgingstehuis binnenging, kon ik de heilige aanwezigheid voelen van de goddelijke Liefde, die bij mij bleef tijdens het lezen van mijn selecties. Toen ik naar huis reed op die heldere, met sterren gevulde winternacht, voorbij verlichte huizen waar Kerstmis werd gevierd, besefte ik dat hoewel ik het grootste gedeelte van de dag alleen was geweest, ik niet had teruggeblikt en mijn geliefden niet had gemist – er was geen verdriet. Er was alleen maar vreugde in de aanwezigheid van Gods liefde, de eeuwige Christus. Ik was niet aan Kerstmis ontsnapt. Kerstmis had mij gevonden!

De missie van de Heraut

In 1903 stichtte Mary Baker Eddy De Christian Science Heraut, met het doel: “de universele werkzaamheid en beschikbaarheid van Waarheid te verkondigen” (My 353:14). De definitie van ‘heraut’ in een woordenboek: “voorloper – een boodschapper die vooruit is gestuurd om bekend te maken wat er gaat komen”, geeft een speciale betekenis aan de naam Heraut en wijst ons bovendien op onze plicht – de plicht van ieder van ons – om te zorgen dat onze Herauten hun taak vervullen, een taak die onafscheidelijk is van de Christus en werd aangekondigd door Jezus met de woorden: “Ga heen in heel de wereld, predik het Evangelie aan alle schepselen” (Markus 16:15).

Mary Sands Lee, Christian Science Sentinel, July 7, 1956

Lees meer over de Heraut en zijn missie.